Dieren


Wollebaal

Hallo, ik zal me even voorstellen. Ik ben Wollebaal. Dat is niet mijn echte naam, maar zoals elke wereldster heb ik ook een artiestennaam. Ik ga jullie vertellen over alle wonderlijke belevenissen die wij, dieren van het Cactus-Hofje, meemaken. Ik ben als hun woordvoerder gekozen aangezien ik als enige de hele omgeving in en om ons Cactus-Hofje afstruin. Bijna niets ontgaat me dus. En mocht dat per ongeluk toch gebeuren dan heb ik mijn spion nog achter de hand. En wie dat is? Tjaaaa...... dat vertel ik natuurlijk niet.

De Cactus Oase is eigenlijk mijn domein. Maar ach, ik ben vrij ruimdenkend en daarom heb ik er geen bezwaar tegen als ik mijn domein moet delen met andere dieren.

Op stap

‘Kijk eens, het hek staat op een kier!’ In hoog tempo draven Hittepetit, Manenschijn en Witte Bles naar het hek, duwen het iets verder open en spurten weg. De Baardman ijlt naar de stal om de voeremmer te halen. Ditmaal hebben de pony’s geen aandacht voor de emmer, want zij bevinden zich eindelijk in het open veld. De Baardman probeert de halster van Manenschijn vast te pakken maar Manenschijn trekt haar hoofd opzij en galoppeert ervandoor. Blijkbaar heeft de omgeving de rondstruinende pony’s ontdekt want van alle kanten komen buren te hulp. Inmiddels rennen de pony’s door het weiland aan de overkant. Deze ligt tussen twee drukke straten. De angst slaat Anny Cactus om het hart. Gelukkig komt daar iemand met een dikke rol lint. Met het vele meters lange lint tussen hen in drijven de mensen de pony’s op naar het grote weiland van de Baardman, waar de vorige dag nog de koeien van de buurman liepen. Het uitstapje was van korte duur maar hun avontuur heeft toch nog een positief einde. Want Hittepetit, Manenschijn en Witte Bles mogen het weiland nu hun weiland noemen.

Waar is Bollie?



Bollie kijkt verbaasd naar de vallende takken en bladeren. Blijkbaar komt de winter er al aan.
Snel graaft Bollie een gat in de grond, kruipt erin en dekt het met zand en bladeren af. Na enige tijd valt hij in een diepe slaap. Daardoor merkt hij de Baardman niet op. De Baardman snoeit rigoureus de takken. Voorzichtig zet hij zijn voeten neer om te voorkomen dat hij op Bollie trapt. En als hij het afval bij elkaar raapt, controleert hij eerst of Bollie er per ongeluk tussen zit. Gelukkig is dat niet zo. Toch is de Baardman er niet helemaal gerust op. ‘Heb jij Bollie de laatste tijd nog gezien?’ vraagt hij. ‘Nee,’ antwoordt Anny Cactus, ‘maar misschien is hij al aan zijn winterslaap begonnen.’ De volgende maanden zijn zeer spannend voor de Baardman en Anny Cactus. Maar dan! Begin maart ziet de Baardman tot zijn opluchting Bollie weer tevoorschijn komen. Bollie kijkt naar links en dan naar rechts. ‘Waar is mijn bos gebleven?’ roept hij verbijsterd.

De Troon



Bah! Ik ben die sneeuw en kou goed zat. Ik kan niet naar buiten en de mensen blijven thuis bij de kachel. Wat een tamme boel. Maar héé, zie ik dat goed? Ja, daar komen een man, een vrouw en twee jongens. Jippie! Gauw eropaf. Die ene jongen is zeker een prins want hij laat zich rijden. Dat is echt wat voor mij. Als ik het heel lief vraag mag ik er misschien ook even in zitten. Na ze een tijdje de CactusOase rondgeleid te hebben, vraag ik: ‘Mauw, miaaauw?’ Blijkbaar begrijpen ze me niet goed want ze lachen me weliswaar toe, maar verder gebeurt er niets. Dan komt toch nog mijn kans, want de mensen gaan de Cactus Piramide in en de rijdende stoel is leeg. Ik aarzel geen moment. Hup, daar zit ik eindelijk op de verheven plaats. Ja, ja! Denk je nu echt dat je me hieruit krijgt? Mooi niet! Ik ga eens even heerlijk genieten van deze troon. Oóóh, wat záááálig!!!


Freule

Qua uiterlijk en karakter zou je het niet zeggen, maar Freule is nog familie van mij. Laatst zat ze in een boom en durfde er niet meer uit. “Draai je eerst om en laat je dan met je kont naar beneden zakken, zo doe ik dat ook,” moedigde ik haar aan. Maar Freule bleef bibberend zitten. Gelukkig kwam Anny Cactus eraan. Ze overzag Freule’s benarde situatie. “Oh, wacht even,” zei ze. Ze pakte een wasmand, legde er iets in, klom op een stoel en
verdween met haar bovenlichaam tussen de takken. “FREULE! KÁÁÁÁÁS!!!” riep ze. Freule hoorde het toverwoord en bedacht zich geen moment. Ze sprong zo hard in de wasmand dat ze Anny Cactus aan het wankelen bracht. Een paar tellen later stonden ze
allebei weer veilig op de grond.


Charlotte Kip en haar kuikens

Charlotte Kip ontkent tot nu toe hardnekkig de geruchten, maar wij weten wel beter. Charlotte heeft gescharreld met Charlie Haan. Kijk maar naar haar kuikens. Ze hebben andere veren dan hun moeder. “Dat is een grillige speling van de natuur, net zoals bij de cactussen,” beweert Charlotte. Maar dat is natuurlijk onzin. Haar kuikens hebben namelijk ook veel langere poten. Ik heb het allemaal eens goed bekeken. In alles zijn ze het evenbeeld van Charlie. Charlie is een Wyandotte-kriel en Charlotte is een Nederlandse Sabelpoot-kip, het kleinste ras dat er bestaat. Anny Cactus en de Baardman zijn reuze in hun sas met dit nieuwe kippenras: De Wybelkip!!!


Charlie Haan


Wolfje

Hé, daar heb je bijvoorbeeld onze wervelwind Wolfje. Wolfje is een Cairn Terrier. Hij stamt af van hele beroemde honden. Zijn voorouders hielpen namelijk koningin Mary en koning Jacobus VI van Schotland als zij op vossenjacht gingen. Zodra het vossenhol ontdekt was, slopen zijn voorouders naar binnen om de vos te doden en hem daarna naar buiten te brengen.
Ook haalden ze gevluchte dieren uit de rotsspleten. De Kelten noemden deze spleten “cairns”.
Zo zijn zij dus aan hun naam gekomen. En als de koningin en koning eens verdrietig waren maakten zijn voorouders ze weer blij. Want Cairn Terriers zijn altijd vrolijk.


Danser

Danser, de kaketoe met gele kuif, is weer eens ondeugend geweest. Danser houdt weliswaar van aandacht, maar je moet hem niet te na komen. Een vinger in zijn kooi steken is bijvoorbeeld geen goed idee, omdat er een grote kans is dat hij er een stukje vel afbijt.
Ditmaal vloeide er echter geen bloed en bleef het bij materiële schade. Een bezoeker was helemaal weg van de dansende kaketoe en wilde dit vastleggen. Danser zag het apparaat steeds dichterbij komen. “Weg met dat ding, je belemmert mijn uitzicht,” foeterde Danser.
Maar blijkbaar hoorde de man niets of misschien verstond hij geen kaketoetaal, want hij ging gewoon door. Toen haalde Danser venijnig met zijn snavel uit. PATS!!!, hard tegen de cameralens die hier duidelijk niet tegen bestand was. “Stouterd”, riep Anny Cactus.
“AAAHHHH”, was het triomfantelijke antwoord van Danser.


Snuf

Op een ochtend ontdekte de Baardman dat Snuf ervandoor was. De Baardman ging meteen op zoek. Maar waar hij ook keek en hoe hij ook riep, het bruine hangoorkonijntje was nergens te bekennen. Iedereen zocht mee. “SNUF!! SNUF!!!” Maar niets hielp. Het leek wel alsof Snuf van de aardbodem verdwenen was. Dag na dag verstreek. Niemand geloofde er nog in dat ze Snuf ooit terug zouden zien. Met moeite legden ze zich neer bij het verlies van het schattige konijntje. De Baardman liep naar de andere twee konijnen. Plotseling bleef hij staan. Hè?!!!! Dat kon toch niet waar zijn? De Baardman wreef zijn ogen uit. In de kooi zat Snuf gulzig te eten. Zij was, weliswaar iets vermagerd, heelhuids thuisgekomen. En waar zij al die dagen geweest was? Dat wilde zij mij niet vertellen. Flauw hoor.


 


print  contact  |  home